Op 23 juni komt PVDA-gemeenteraadslid Aurelie Decoene tussen tijdens de bespreking van de ‘selectieleidraad’ voor de verkoop van de gronden van de Astridsite in Hasselt. De PVDA stelt een erfpacht voor om de Astridsite te ontwikkelen, zodat de stad eigenaar blijft van deze strategische locatie.
"Volgens schepen Frank Dewael gaat het om één van de meest strategische locaties van onze stad. Net daarom mogen we deze grond niet zomaar definitief verkopen aan projectontwikkelaars", zegt Aurelie Decoene. "De site ligt vlak bij het station, het stadscentrum en Quartier Bleu. Dit is publieke grond met een enorme maatschappelijke waarde.”
De stad wil de gronden verkopen aan één of meerdere ontwikkelaars die er woningen, groene ruimte, een ondergrondse parkeergarage en publieke verbindingen moet realiseren. “De site zal een enorme waardestijging doormaken de komende decennia. Een verkoop betekent eenmalige snelle opbrengst voor de stad, maar alle toekomstige meerwaarde gaat naar de private eigenaren. Voor de stad is dit een enorm verlies, zowel financieel als maatschappelijk”, vervolgt Aurelie Decoene.
De PVDA stelt daarom voor om niet te verkopen, maar te werken met een erfpachtconstructie. Daarbij blijft de grond eigendom van de stad, terwijl ontwikkelaars het gebruiksrecht krijgen voor een lange periode. “Erfpacht maakt het mogelijk om private expertise in te zetten zonder permanent publiek bezit op te geven. En belangrijkste van al: met erfpacht behoudt de stad de controle over wat er gebouwd wordt, kunnen strengere voorwaarden opgelegd worden voor betaalbaar wonen en groen.”
“Bovendien kan het behoud van de site in handen van de stad onder de vorm van erfpacht een vaste bron van inkomsten genereren. Dat is zeker nuttig gezien de stad met stijgende pensioenkosten zal zitten en de lening van de eeuw aan het Jessa Ziekenhuis heeft toegekend, wat pas op het einde van deze legislatuur op het budget zal beginnen wegen”, alsnog Decoene.
Tijdens de gemeenteraad zal de PVDA onder meer vragen of er een vergelijking werd gemaakt tussen de opbrengst van een onmiddellijke verkoop en een erfpacht over een langere periode, bv 50 jaar en 99 jaar.
"De stad zegt te willen luisteren naar wat de markt nodig heeft. Wij vinden dat het uitgangspunt moet zijn: wat hebben de Hasselaren nodig? Publieke gronden moeten ingezet worden voor betaalbaar wonen en een leefbare stad, niet voor speculatie en snelle winst”, besluit Decoene.