Buitenschoolse opvang in het tijdperk van het BOA-decreet: duurder, drukker en ingewikkelder

Buitenschoolse opvang in het tijdperk van het BOA-decreet: duurder, drukker en ingewikkelder

26 mei 2026

Vanaf 1 september 2026 treedt in Hasselt het Vlaamse BOA-decreet in werking. “De Vlaamse regering vertelde ons een sprookje, waar buitenschoolse opvang mooi geïntegreerd ging worden met activiteiten voor de kinderen. De realiteit is kil: de kosten gaan voor meeste ouders met 25 à 40% omhoog, de kwaliteit van de opvang gaat niet vooruit en alle verantwoordelijkheid wordt naar de scholen doorgeschoven wat betreft de kinderen vanaf het derde leerjaar”, zegt Hasselts PVDA-gemeenteraadslid Aurelie Decoene.

Wat verandert er precies? Het BOA decreet wordt vanaf 1 september 2026 toegepast in Hasselt. Dit betekent dat de buitenschoolse kinderopvang anders gaat georganiseerd worden.

  • Een goede zaak is in Hasselt, dat het erkenningskader van één begeleider voor maximaal veertien kleuters behoudt, terwijl het BOA-decreet deze ratio net had afgeschaft. Dit is een goede startratio[1].
  • De regel wordt algemeen dat kinderen tot en met het tweede leerjaar meteen na school naar de professionele buitenschoolse opvang gaan.
  • Scholen moeten zelf instaan voor de opvang voor kinderen vanaf het derde leerjaar, tot 17u. Voor de helft van de Hasseltse scholen is het van nul beginnen om daar tegen 1 september mee klaar te zijn.

In dat kader vind je hieronder de bekommernissen van de PVDA.

Buitenschoolse opvang wordt duurder. De meeste ouders betalen vanaf 1 september meer voor een systeem dat minder flexibel wordt. De opvangprijs stijgt naar 1,25 euro per begonnen half uur. “Voor de meeste gezinnen die de buitenschoolse opvang regelmatig nodig hebben, betekent dat een stevige extra kost. We nemen als voorbeeld de kosten voor één kind dat elke dag tot 17u30 naar de opvang gaat. De jaarlijkse kost zal vanaf september 1.202 euro worden[2], nog zonder het nieuwe boetesysteem te melden. Werken moest lonen hadden meerderheidspartijen beloofd, maar dat is allesbehalve zo”, zegt Aurelie Decoene.

 

Huidige prijs per begonnen halfuur

Nieuwe prijs per begonnen halfuur

Prijsstijging per begonnen halfuur

Huidige prijs per jaar

Extra kost per jaar

Stad

0,9
(soms
0,85)

1,25

+ 39%

866

+ 336

Ukkies

1,00

1,25

+ 25%

962

+ 240

Hummeltjes

1,65

1,25

- 24%

1587

- 385

 

Buitenschoolse opvang wordt ingewikkelder. Inschrijven wordt de regel. Daarbij komt nog dat de stad hoge boetes invoert voor laattijdige reservaties (2,50 euro per kind per dag) en voor laattijdige annulaties (tot 5,00 euro per kind per dag). Het aantal jokers – gemiddeld één per maand – is ook echt beperkt. De factuur kan hiermee snel omhoog gaan. Is je kind ziek of ‘wettelijk afwezig’, dan moet je dat bewijzen met attesten. “Deze bureaucratie is zo veel extra last voor de opvanginitiatieven én voor de ouders. Voor veel gezinnen is het vandaag al zoeken om werk, school en gezinsleven te combineren, zeker omdat het werk steeds flexibeler wordt en omdat het steeds moeilijker is om op de grootouders terug te vallen, gezien ze langer moeten werken. Administratieve drempels en boetes zijn weer een flinke stap achteruit. Ouders moeten flexibel toegang tot opvang hebben wanneer dat nodig is,” zegt Aurelie Decoene.

De nieuwe buitenschoolse opvang brengt ook extra druk mee, op verschillende niveaus. Zeventien scholen moeten tegen 1 september van scratch een opvangsysteem op poten krijgen, steunend voornamelijk op vrijwilligers. “Voor alle kinderen vanaf het derde leerjaar schuift het stadsbestuur eigenlijk de verantwoordelijkheid door naar de scholen”, aldus Decoene. “Het brengt extra werk voor de scholen, die daar de ruimte niet voor hebben. Met vrijwilligers werken is ook veel instabieler. Als de vrijwilliger ziek is, zal een leerkracht of de directeur zelf de gaatjes moeten vullen. Dat terwijl veel scholen vandaag al kampen met personeelstekorten en hoge werkdruk. Dit is voor niemand goed.” Op sommige opvanglocaties zal het aantal kinderen ook sterk toenemen, bijvoorbeeld in de Heilig-Hartwijk. De verwachting is dat de gemiddelde bezetting voor de kinderen tussen 5 en 8 jaar, van 20 naar 70 zal stijgen. Het wordt voor kinderen én personeel daar veel drukker.

Er komt nog bij dat scholen activiteiten zouden moeten helpen organiseren voor de leerlingen in samenwerking met verenigingen. Dit is in de praktijk vaak niet werkbaar, zeker niet als elke school het voor zichzelf moet regelen. De PVDA pleit daarom voor meer centrale samenwerking tussen scholen zodat activiteiten gezamenlijk georganiseerd kunnen worden, met minder organisatorische en financiële druk.

Het BOA-decreet kondigde van bovenaf meer kansen voor sport, taalondersteuning, workshops of huiswerkbegeleiding. Dat zijn hoge ambities, waarvan de verantwoordelijkheid volledig naar de lokale besturen werd doorgeschoven. Het moeizame proces van afgelopen jaren toont wel aan dat je binnen een beperkt budget niet kan toveren. Het huidige budget wordt trouwens maar tot 2030 verzekerd. Voor wat volgt, blijft de onduidelijkheid bestaan. Wat hebben we nu bereikt, na zoveel jaren onzekerheid en duizenden uren discussie overal in Vlaanderen? Voor de PVDA moet de buitenschoolse kinderopvang toegankelijk, betaalbaar en aangenaam zijn. Dit is essentieel om gezinnen ademruimte te geven en vrouwen de kans te geven werk en gezin te combineren. De administratieve en financiële drempels moeten weg. Er is voldoende ondersteuning voor opvanginitiatieven en voor scholen nodig, waaronder ook ondersteuning om actief samen te werken zodat het aanbod aan activiteiten effectief kan groeien.

 


[1] Het ACV vraagt wel een stappenplan naar een kind-begeleiderratio van 1 op 10.

[2] Berekend op basis van 37 schoolweken per jaar, met opvang van 15u30 tot 17u30 op maandag, dinsdag, donderdag, vrijdag, en van 12u30 tot 17u30 op woensdag.